DE SPELREGELS 
Versie 2006
Speelveld
Op de afbeelding kunt U zien hoe een speelveld er uit ziet. Voor het enkelspel gelden de binnenste zijlijnen en de achterste
achterlijn. Het veld wordt dus lang en smal.
Voor het dubbelspel gelden alle buitenste lijnen. Alleen voor de service geldt de voorste achterlijn (de shuttle moet voor de
zogenaamde tramlijn/karrenspoor vallen).
De hoogte van het net is 1,524 meter in het midden en 1,55 meter aan de randen.
Begin van de wedstrijd
Voor de aanvang van de wedstrijd loten de beide tegenstanders. De winnaar van de loting heeft het recht:
-
de eerste service te doen;
-
de speelhelft te kiezen;
-
de eerste service niet te doen.
De verliezer van de loting krijgt daarmee de keus tussen elke overgebleven mogelijkheid. In de overige games van een wedstrijd
mag die partij het eerst serveren die de voorgaande game heeft gewonnen.
Service
De service dient onderhands te worden geslagen vanuit het servicevak in het diagonaal er tegenover liggende serveervak.
Alleen de serverende partij kan punten scoren.
Bij het enkelspel begint men op de stand 0-0 vanuit het rechtervak te serveren. Vervolgens wordt er op een oneven stand steeds
vanuit het linker- en op een even stand steeds vanuit het rechter-servicevak geserveerd.
Bij het dubbelspel heeft elk koppel twee mogelijkheden om punten te maken. Wanneer de serverende partij op de eerste
servicebeurt een fout maakt,
gaat de tweede speler van hetzelfde koppel serveren. Nadat er opnieuw een fout is gemaakt door het serverende koppel gaat de
service over naar de tegenstanders, die eveneens twee servicebeurten tot hun beschikking krijgen om punten te scoren.
Uitzondering: bij het begin van een game mag de serverende partij slechts eenmaal serveren.
Een pauze van maximaal 90 seconden tussen de games is in alle partijen toegestaan.
Puntentelling (NIEUW VANAF 1 AUGUSTUS 2006!)
Kort samengevat
-
Best of three games tot 21 bij alle speldiciplines, met een verschil van 2 punten per game.
-
Als het verschil van 2 punten nog niet bereikt is bij een stand van 29-29, dan is het 30e  punt het winnende punt.
-
De service gaat over wanneer de serveerder niet scoort.
-
In het dubbelspel heeft een duo slechts één servicebeurt.
-
Zowel serveerder als ontvanger kunnen scoren.
-
Als een speler als eerste de score 11 bereikt, krijgen beide spelers 60 seconden rust.
-
De spelers krijgen tussen de games 2 minuten rust.
Enkelspel
Serveervakken
-
De service moet vanuit het rechter serveervak worden geslagen, respectievelijk in het rechter serveervak worden ontvangen, als
de serveerder geen of een even aantal punten heeft gescoord in de desbetreffende game (en omgekeerd vanuit het linker
serveervak bij een oneven aantal punten).
Scoren en serveren
-
Als de serveerder een rally wint, scoort de serveerder een punt. De serveerder moet dan opnieuw serveren vanuit het andere
serveervak.
-
Als de ontvanger een rally wint, scoort de ontvanger een punt. De ontvanger wordt dan de nieuwe serveerder.
Dubbelspel
Serveervakken
-
Een speler van de serverende partij moet vanuit het rechter serveervak serveren wanneer de serverende partij geen of een even
aantal punten heeft gescoord in de desbetreffende game (en omgekeerd vanuit het linker serveervak bij een oneven aantal
punten).
-
De speler van de ontvangende partij die het laatst geserveerd heeft, ontvangt in hetzelfde serveervak van waaruit hij het laatst
serveerde. Op de partner is het omgekeerde van toepassing.
-
In elke servicebeurt zal geserveerd worden vanuit het serveervak in overeenstemming met de score van de serverende partij.
Scoren en serveren
-
Als de serverende partij een rally wint, scoort de serverende partij een punt. De serveerder moet dan opnieuw serveren vanuit het
andere serveervak.
-
Als de ontvangende partij een rally wint, scoort de ontvangende partij een punt. De ontvangende partij wordt dan de nieuwe
serverende partij. Omdat de ontvangende partij hier een punt scoorde maar de 2 spelers toch niet van plaats wisselden, kan er
hier geen sprake meer zijn van een ‘even-speler’ (rechts begonnen) en een ‘oneven-speler’ (links begonnen) (zoals vroeger het
geval was).
Fouten
-
een deel van de shuttle bevindt zich bij de service boven het middel van de serveerder;
-
beide voeten van de serveerder of ontvanger bevinden zich niet binnen het serveervak;
-
het racketblad bevindt zich bij de service niet duidelijk onder de hand van de serveerder;
-
de shuttle valt na de service zonder dat de tegenstander hem heeft aangeraakt buiten het serveervak op de grond;
-
de shuttle komt buiten het speelveld terecht of wordt onder het net door geslagen
-
de shuttle wordt opgevangen en wordt gedragen tijdens de slag (d.w.z. dat de slag in één vloeiende beweging moet gebeuren, en
dat de shuttle hierbij niet mag worden 'gedragen' met het racket);
-
de shuttle wordt tweemaal geraakt door dezelfde speler in twee slagen
-
de shuttle wordt door een speler geslagen en achtereenvolgens door diens partner, of  de shuttle raakt het racket van een speler
en gaat vervolgens buiten het terrein;
-
een speler raakt tijdens de wedstrijd met zijn lichaam de shuttle of het net aan;
-
een speler raakt tijdens de wedstrijd met zijn racket het net aan;
-
de shuttle raakt bij de service het plafond (hoogte van de hal meer dan 8 m; anders opnieuw serveren);
-
de shuttle wordt tijdens de wedstrijd tegen het plafond of een ander voorwerp buiten het speelveld geslagen;
-
een speler probeert zijn tegenstander te misleiden of te hinderen;
-
een speler vertraagt op reglementair ongeoorloofde wijze de wedstrijd
Algemeen
Er is geen sprake van een fout wanneer de shuttle tijdens een rally of bij een service het net raakt en toch reglementair in het
speelveld valt. Grenslijnen horen altijd bij het desbetreffende speelveld.
Er mag opnieuw worden geserveerd wanneer:
-
de ontvangende partij nog niet klaarstond;
-
niet duidelijk is of de shuttle in of uit was;
-
er van buitenaf wordt gehinderd.
Lets
"Let" wordt geroepen door een scheidsrechter, of door een speler (als er geen scheidsrechter is) om het spel te onderbreken.
Een let betekend dat de rally opnieuw moet worden gespeeld als gevolg van een onvoorziene gebeurtenis:
-
als de shuttle van anderen in jouw veld valt;
-
wanneer een shuttle, nadat deze het net heeft gepasseerd, in het net of op het net belandt, uitgezonderd bij de service;
-
als er bij de service, door zowel de serveerder als de ontvanger gelijktijdig een fout wordt gemaakt;
-
wanneer de serveerder serveert alvorens de ontvanger hiertoe klaar was;
-
wanneer de shuttle tijdens het spel uiteenvalt, en de dop van het verengedeelte loskomt;
-
als een lijnrechter niet in de mogelijkheid was om een shuttle te beoordelen, en de scheidsrechter onmogelijk in staat is een
beslissing te nemen
Wanneer een "let" voorkomt, zal het spel na de laatste service niet gelden, en de speler die laatst serveerde zal opnieuw dienen te
serveren.